Donderdag 26 september

26 september 2013 - Chiang Mai, Thailand

Vandaag hoefden we niet zo vroeg op te staan omdat we pas om 8.30 u vertrokken voor een bezoek aan de op een 1100 meter hoge bergUitzicht op berg van 1601 meter, Doi Suthep, vanaf dakterras hotel, waar zwembad is.

gelegen tempel genaamd Wat Prahat Doi Suthep Rajvoravihara. Het was er prachtig.  (Mooi kunnen we  beter niet zeggen want dan verstaan de Thai het als "schaamhaar"). De tempel was te bereiken via een trap van 304 treden. Bij tempel Wat Prha That Doi Suthep, de Naga trap 304 treden. Boven kregen we uitleg van Kit en maakten we foto's. Hanny haalde bij een monnik een geluksarmbandje, wat ze op zijn minst drie dagen moet dragen.

Toen we wat verder rond wilden kijken begin het flink te regenen, dus van een uitzicht over Chang Mai was geen sprake.  Na wat wachten werd het toch droog en kochten we aan het begin van de lange trap de Boeddha van de dag. Iedere dag  in het Boeddhisme heeft zijn Boeddha  in een bepaalde houding.Een enorme Boeddha in de Wat Kalayanimit. Hanny is op zondag geboren en ik kennelijk op donderdag. Het zijn koperen uitvoeringen, waarbij weer gehandeld moest worden.  De afdaling met de bus van de berg was 11 kilometer en op de heenweg had ik al in gedachten zitten kwijlen om zelf omhoog te fietsen, zeker toen ik enkele renners omhoog zag gaan.

Daarna bezochten we de parasolfabriek  in San Kampaeng en volgden het proces van fabricage en beschildering van de parasol. Beschilderde parasol. Degenen die dit deden zaten een stukje verderop op ons te wachten om ergens (tegen vergoeding) wat op te laten schilderen. Ze hadden voorbeelden liggen van olifanten tot vlinders en draken tot weet ik wat toe.

Sommigen van onze groep lieten wat schilderen op hun telefoon, bedekking van de I-pad, de schoenen, cameratas of telefoonhoesje. Je mocht zelf bepalen hoeveel je ervoor betaalde, maar niet onder de 80 Bath. Hanny liet twee leuke olifanten op haar brillenkoker schilderen.Hanny's brillenkoker wordt beschilderd.

Vervolgens bezochten we de andere handycraft village Borsang voor een bezoek aan  de zijdeweverij. Interessant om te zien hoe de zijderups en later medewerkers zijdespullen, vooral kleding produceerden en verwerkten. Uiteraard bezochten we daarna een winkel met kwaliteitszijde (ping ping).  Een bezoek aan de winkel van de parasolfabriek hadden we al afgewerkt.

Tenslotte kregen we nog even de gelegenheid om een daarnaast gelegen zilverfabriek te bezoeken. Er waren maar twee a drie werknemers aan het werk en de rest lante fanterde maar wat. Later bleek mij ook waarom, want de winkel was gevuld met erg veel materiaal en het blonk allemaal zeer mooi (sorry, prachtig) door de led verlichting. Volgens mij hadden ze een overproductie aan zilver en een "over bezoek" van mensen die keken, keken, maar niet kochten.  De prijzen waren er ook naar en je werd constant door iemand achtervolgd die iets wilde verkopen voor de commissie die erbij hoorde. We kochten niets. Met bewondering realiseerde ik mij later wat die enkele mensen allemaal konden maken.

's Avonds maakten we kennis met de Lana-cultuur. Het diner wat daarbij hoorde werd geserveerd in een luisterrijke omgeving op een Khantoke (laag rond tafeltje) en bestond uit  typisch Noord-Thaise gerechten. Katrien kan bijna niet wachten.

We konden zoveel eten als we wilden (dat hebben we iedere keer nog gedaan). Thaise dans en traditionele Noord-Thaise muziek op handgemaakte instrumenten luisterden ons diner op. Uiteraard moesten we onze schoenen weer uitdoen. De koffie die we na het eten kregen bleek echter koud te zijn.

 

 

Foto’s